
Het oudste deel van de begraafplaats kan ook gezien worden als het oudste nog steeds aanwezige deel van het dorp. Het werk aan het kanaal en het leven in die tijd was zwaar, de sterfte hoog. Vanaf 1 januari 1829 mocht er al niet meer begraven worden in kerken en binnen de bebouwde kom. Daarom werd door Jasper Klijn, één van de initiatiefnemers voor de aanleg van het Oranjekanaal, geheel in lijn met de richtlijn, een klein stukje van zijn grond beschikbaar gesteld, tegen de toenmalige gemeentegrens met Zweeloo, aan de rand van het toekomstige dorp, om de overledenen een laatste rustplaats te geven. Aangezien in die tijd begraven nog een verplichting was, kan worden aangenomen dat nagenoeg allen die in Schoonoord met hun gezin woonachtig waren en daar hun laatste adem uitbliezen, op de oude begraafplaats, te ruste liggen. In 1857 werd het officieel een gemeentelijke begraafplaats, aangezien de gronden toen aangekocht werden door de gemeente Sleen. Eigenlijk kun je er zeker van zijn dat er vanaf het prille begin, rond 1853/1854, al begraven is. Van die hele oude graven is bovengronds niets meer te zien. Alle monumenten (als die er al waren) zijn in de loop der jaren verdwenen. De oorspronkelijk vak indeling is echter nog goed herkenbaar. De oudste nog aanwezige monumenten stammen uit 1866 en 1867, liggende in het verder kale vak 3.
Lopende over de oude begraafplaats, dan loop je door meer dan 100 jaar geschiedenis van Schoonoord en omstreken, van halverwege 1800 tot half 1900. De oude begraafplaats bevat veel objecten die van waarde zijn voor de sociaal historische en funeraire (begraafkundige) geschiedenis van het dorp. Die waarde zit niet alleen in de betekenis van de personen die er begraven liggen, maar ook in de sobere toepassing van materialen, vormgeving en symboliek. Die grafcultuur, bebouwing en aanleg zijn op de één of andere manier gebaseerd op de toenmalige politieke, bestuurskundige én door traditie ingegeven keuzes. Geloofsopvattingen speelden een belangrijke rol en kwamen tot uiting in de symboliek en de wijze van begraven. Mede vanuit die geloofsovertuiging is er in het verleden door de gemeente Sleen ook niet geruimd, ofwel ondergronds is alles nog aanwezig. Wel zijn in de loop der tijd vele grafmonumenten verdwenen.
De geschiedenis wordt dus gereflecteerd op de begraafplaats, maar het historische karakter wordt langzamerhand tenietgedaan. Er zijn in het verleden keuzes gemaakt die de oorspronkelijke waarden deels hebben aangetast en daarbij is geen rekening gehouden met de historische waarden. Vergrassing van de paden is daar een voorbeeld van. Wenselijk is, om het oorspronkelijke padenplan te herstellen en te voorzien van een zand/cement mengsel, zodat een natuurlijk ogende harde laag wordt gevormd, die een wandeling, ook met rolstoel en rollator, gemakkelijker maakt. Herstel van de wal tussen het oude en nieuwe gedeelte, verplaatsing van het over graf vak 9 aangelegde pad en verwijdering van jong aangelegde beplanting, midden in de grafvelden is ook noodzakelijk.
Een grote wens is ook de aanpak van de oude ingang, waar volgens overlevering ooit een monumentaal hekwerk heeft gestaan.
Einddoel is, de oude begraafplaats een parkachtig karakter te geven, met monumentale uitstraling, dat uitnodigt om er een wandeling te maken. Een in 2019 door externe deskundigen, opgestelde rapportage beveelt aan om de oude begraafplaats aan te wijzen als gemeentelijk monument.
De meeste mensen staan er in deze tijd, waarin er steeds meer wordt gecremeerd in plaats van begraven, niet zo...
In vak 14 op de oude begraafplaats ligt het graf van Jan van der Leek en Neeltje van der Zande....